Ontwiqqel

De kracht van de kopgroep

Theo Andreae - 11-07-2017

De Tour de France is weer aan de gang, één van de grootste sportevenementen ter wereld. De aandacht hiervoor in de media is groot. Niet in de laatste plaats door de successen van Nederlandse renners en rensters. Waar ik me elke keer weer over verbaas in dit soort grote wielerrondes, is de macht van het peloton. Het is tegelijkertijd een mooi beeld voor veranderingen in organisaties.



Het peloton bepaalt wie weg mag en wie niet. Of wie weg mag blijven of moet worden teruggehaald. In het laatste geval helpt het als ploegen met elkaar samenwerken en in hoog tempo gaan sleuren in het peloton. Met als resultaat dat zich veilig wanende vluchters alsnog worden teruggehaald, vaak in de laatste paar honderd meter voor de meet.

Ik zie veel parallellen tussen wielerkoersen en organisaties. Zeker als het gaat om veranderingen. Het peloton is cruciaal voor succes. Zij kan het maken of breken. Dat geldt ook voor de “massa” in organisaties. Als stelregel hanteer ik dat de “massa” 80% van de organisatie uitmaakt. De meeste mensen doen hun werk en bewegen mee op de golven van veranderingen in organisaties. Als een grote zwerm spreeuwen vliegen ze als één geheel naar links of rechts, afhankelijk van de richting die de buurman/vrouw kiest. Naast die grote groep heb je “trekkers” en “remmers” die allebei ongeveer 10% groot zijn (cijfers zijn niet wetenschappelijk onderbouwd maar deze verhouding zal ongetwijfeld worden herkend). Als de “trekkers” sterker zijn, komt de verandering wel, zijn de “remmers” sterker dan komt de verandering niet of later.

We hebben de neiging om in veranderprocessen aandacht te geven aan de “remmers”, de mensen die niet willen (of niet kunnen). En we ervaren dan dat we steeds vaster komen te zitten. Het kost veel energie met helaas geen resultaat. Dat is ook geen wonder. Immers alles wat je aandacht geeft groeit, dus ook weerstand kun je laten groeien. Het kost mijns inziens ook te veel energie om te duwen of te trekken aan de “massa”. De “massa” is te groot om zelf in beweging te komen. Bovendien heeft de “massa” behoefte aan een doel, een richtpunt waar ze naar toe moet.

Hier wordt de parallel met de wielerkoers zichtbaar. Dat richtpunt is de kopgroep. Het peloton houdt de kopgroep in de gaten. Is de kopgroep nog dichtbij dan doet het peloton niets. Datzelfde geldt als de kopgroep al buiten beeld is, zo ver weg dat ze niet meer in te halen is. Afhankelijk van de tijd en het restant van de koers of etappe komt het peloton in beweging en gaat ze het gat dichtrijden.

Mijn visie is dat veranderingen kunnen worden gerealiseerd door te investeren in de kopgroep. Kies de medewerkers die willen en kunnen en faciliteer hen om “weg te komen”. In wielertermen: betere massage, betere begeleiding, betere informatie of meer aanmoedigingen. Daardoor krijgt de kopgroep een voorsprong. En als het peloton ziet wat de kopgroep krijgt en wat het de kopgroep oplevert dan wil het peloton daar bij komen. Dan komt ze wel in beweging. Uiteindelijk wil iedereen winnen of in ieder geval bij de winnaars horen.

Ik realiseer me dat daar lef voor nodig is. In Nederland zijn we niet zo goed in het “bevoordelen” van medewerkers. Iedereen moet hetzelfde krijgen in onze cultuur. Gelijke monniken, gelijke kappen. Echter dan komen veranderingen niet van de grond. Bovendien mensen zijn niet gelijk. Dus investeer in de beste mensen en laat hen trekken aan de gewenste verandering. En zorg dat er voor de mensen die niet mee kunnen komen een bezemwagen beschikbaar is om hen op te vangen.